Terug naar overzicht

Media

Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt de persvrijheid aan banden gelegd. Kranten moeten schrijven wat de bezetter zegt. Op de radio worden alleen Duitse programma’s uitgezonden en de muziek die wordt gedraaid is ook Duits.

Op straat hangen allerlei affiches aangeplakt met boodschappen van de bezetter. In de bioscoop draaien op een gegeven moment alleen nog maar propagandafilms en anti-joodse films.

Direct nadat de bezetting krijgen de kranten duidelijke instructies van de bezetter. Publiceren ze toch artikelen die de Duitsers niet goedkeuren, dan riskeren ze een publicatieverbod. Er ontstaan een illegale pers. Hierin wordt onder andere opgeroepen om de legale pers niet meer te vertrouwen.

Vanaf augustus 1940 staan alle films onder strenge controle. Alleen films die door de bezetter goedgekeurd zijn, mogen vertoond worden. Vanaf 8 januari mogen joden geen bioscopen meer bezoeken, joodse medewerkers van bioscopen zijn dan al ontslagen. Eén van de bekendste bioscopen van Nederland, het Tuschinski Theater, moet na het hijsen van de Nederlandse vlag op de verjaardag van koningen Wilhelmina zelfs van naam veranderen. De nieuwe naam wordt Tivoli.