Terug naar overzicht

Westfront

In het voorjaar van 1940 valt Duitsland het westen en noorden van Europa aan. Eerst wordt Scandinavië onder de voet gelopen en daarna volgen Nederland, België, Luxemburg en Frankrijk.

De nazi’s willen ook Engeland bezetten, maar de slag om Engeland wordt in de lucht verloren. Na lange jaren gloort er in juni 1944 hoop als de geallieerden op de kusten van Normandië landen. Hoewel de bevrijding op komst is, duurt het toch nog bijna een jaar voordat de oorlog ten einde is.

Denemarken en Noorwegen willen neutraal blijven. Op 9 april 1940 valt Hitler beide landen toch aan. Denemarken geeft zich dan al snel over omdat het Deense leger te klein is om tegenstand te bieden. De Duitse bezetting is hier relatief mild en de koning blijft op zijn post. Noorwegen weet met Britse, Franse en Poolse steun stand te houden tot 7 juni. De Noorse koning en regering wijken dan uit naar Londen. In Noorwegen komt een Duitse marionettenregering.

Op 10 mei 1940 vallen Duitse troepen Nederland, België en Luxemburg binnen. Het plan heeft de codenaam ‘Fall Gelb’ en houdt in dat de geallieerde legers naar het noorden worden gelokt. Daarna worden ze met een krachtige aanval door de Ardennen en langs de Frans-Belgische grens afgesneden van Frankrijk. Op deze wijze zou Frankrijk veroverd kunnen worden. Maar de afgesneden troepen kunnen deels ontkomen tijdens de evacuatie uit Duinkerken. Daarbij moeten ze wel bijna alle wapens en uitrustingen achterlaten.